[Vredeslijst] aub: stilzwijgende goedkeuring militair verdrag Marokko

Frank Willems fwillems op antenna.nl
Di Sep 17 13:21:16 CEST 2013


Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer
der Staten-Generaal
Binnenhof 4
Den Haag


Datum           12 september 2013
Betreft          Kaderovereenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden
en het Koninkrijk Marokko inzake militaire samenwerking; Rabat, 21 mei
2013


Geachte Voorzitter,

Overeenkomstig het bepaalde in artikel 2, eerste lid, en artikel 5, eerste
lid, van de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen, de Raad van
State gehoord, heb ik de eer u hierbij ter stilzwijgende goedkeuring over
te leggen de  op 31 mei 2013 te Rabat tot stand gekomen Kaderovereenkomst
tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake
militaire samenwerking (Trb. 2013, 95).

Een toelichtende nota bij de Kaderovereenkomst treft u eveneens hierbij aan.

De goedkeuring wordt alleen voor het Europese deel van Nederland gevraagd.


De Minister van Buitenlandse Zaken,

Frans Timmermans

 -----

Kaderovereenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk
Marokko betreffende militaire samenwerking; Rabat, 21 mei 2013 (Trb. 2013,
95)


TOELICHTENDE NOTA
Inleiding

De Kaderovereenkomst tussen Nederland en Marokko (hierna: de Overeenkomst)
maakt het mogelijk om de defensiesamenwerking tussen beide landen verder
te ontwikkelen. De aanleiding voor de Overeenkomst is de aankoop door
Marokko van drie nieuwe fregatten van de "Sigma klasse", gebouwd door het
Nederlandse "Damen Schelde Naval Shipbuilding". De Koninklijke Marine
heeft ter ondersteuning van deze aankoop een trainingsprogramma verzorgd
voor de Marokkaanse marine. De aankoop van de nieuwe fregatten maakt
onderdeel uit van een moderniseringsprogramma van de Marokkaanse marine,
waardoor het beter in staat is deel te nemen aan internationale operaties
en mogelijk anti-piraterij missies bij de Afrikaanse westkust. Marokko zal
in dit kader naar verwachting een beroep blijven doen op Nederland voor
training en ondersteuning. Er kunnen voorts mogelijkheden ontstaan de
samenwerking naar andere terreinen uit te breiden. Marokko heeft kenbaar
gemaakt hiervoor een verdrag te willen sluiten. De Overeenkomst komt aan
deze wens tegemoet.

Defensiesamenwerking tussen Marokko en Nederland zal bijdragen aan de
ontwikkeling van de bredere relatie tussen beide landen. Naast het
genoemde belang van de Nederlandse defensie-industrie is de Overeenkomst
van belang met het oog op eventuele nieuwe oefen- en
trainingsmogelijkheden, samenwerking bij de bestrijding van piraterij en
mogelijke afstoting van overtollig materieel.

In de Overeenkomst zijn algemene voorwaarden voor defensiesamenwerking
vastgelegd. De samenwerking kan plaatsvinden op de in artikel 1 aangegeven
gebieden. Voor de uitwerking van concrete vormen van de samenwerking
kunnen nadere afspraken worden gemaakt (zie toelichting op artikel 2).
Daarnaast is voor de status van het personeel van beide partijen, indien
in het kader van bovengenoemde activiteiten aanwezig op het grondgebied
van de andere partij, eveneens op 21 mei 2013 te Rabat tot stand gekomen
het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk
Marokko betreffende de status van strijdkrachten (Trb. 2013, 96). Dit
verdrag omvat onder meer bepalingen inzake rechtsmacht, de afhandeling van
schade en het dragen van wapens.



Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1
Dit artikel regelt de vormen die de militaire samenwerking kan aannemen.
Het betreft onder meer samenwerking op de terreinen veiligheids- en
defensiebeleid, deelname aan bilaterale trainingsoefeningen en
samenwerking op het gebied van vredesoperaties.

Artikel 2
In artikel 1 zijn de algemene voorwaarden voor samenwerking vastgelegd.
Voor verdere uitvoering van de samenwerking zullen partijen nadere
afspraken maken door middel van een passend juridisch instrument. In de
regel zal dit vorm krijgen in een "Memorandum van Overeenstemming" tussen
de Ministers van Defensie van de partijen , welke  in lijn dienen te zijn
met de nationale wetten van de partijen. Indien er sprake is van een
verdrag kan dit worden beschouwd als een uitvoeringsverdrag dat op grond
van artikel 7, onder b, van de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking
verdragen geen parlementaire goedkeuring behoeft, behoudens het bepaalde
in artikel 8 van die Rijkswet.

Artikel 3
Voor de doelmatige toepassing van de Overeenkomst zullen partijen
periodiek bijeen komen in een gemengde militaire commissie. De werkwijzen
en bevoegdheden van deze commissie worden in nader onderling overleg
vastgesteld.

Artikel 4
Als basisbepaling is in dit artikel vastgelegd dat wat betreft vergrijpen
de wetgeving van toepassing is van de staat op wiens grondgebied het
vergrijp heeft plaatsgevonden. Zoals reeds in de inleiding van de
Toelichtende Nota is vermeld is voor de status van het personeel een
separaat verdrag met Marokko gesloten. Onderdeel van dit statusverdrag
vormen de bepalingen inzake tuchtrechtelijke en strafrechtelijke
bevoegdheden.

Artikel 5
Elke partij draagt de eigengemaakte kosten met betrekking tot de
uitvoering van de Overeenkomst zelf, tenzij anders is overeengekomen.

Artikel 6
Dit artikel bevat bepalingen inzake de bescherming van gerubriceerde
informatie welke in het kader van de samenwerking wordt uitgewisseld. De
basisregel, vastgelegd in het eerste lid, is dat deze informatie niet aan
derden kan worden overgedragen zonder toestemming van de partij die de
informatie heeft verstrekt. Bescherming en rubricering van uitgewisselde
informatie geschiedt op grond van de nationale wetgeving van de partijen
(derde lid). De bevoegde instanties van de partijen kunnen een
beveiligingsovereenkomst sluiten, waarin meer gedetailleerde bepalingen
zijn vervat (vierde lid).


Artikel 7
Dit artikel bevat de gebruikelijke bepalingen inzake inwerkingtreding. In
tegenstelling tot de bepalingen van het met Marokko gesloten
statusverdrag, kan de Overeenkomst voorlopig worden toegepast vanaf de
datum van ondertekening (tweede lid), aangezien de bepalingen in deze
overeenkomst in overeenstemming zijn met de nationale wet- en regelgeving
van de partijen. De Overeenkomst heeft een initiŽle looptijd van 5 (vijf)
jaar en wordt telkens stilzwijgend verlengd voor eenzelfde tijdvak (derde
lid). De bepalingen ten aanzien van de werkingsduur van deze Overeenkomst
komen overeen met de betreffende bepalingen in het statusverdrag. De
partijen komen verder overeen dat geschillen die voortvloeien uit of
verband houden met de Overeenkomst, in overleg tussen de partijen worden
opgelost (vijfde lid).


Koninkrijkspositie

Wat het Koninkrijk betreft, zal het verdrag alleen voor het Europese deel
van Nederland gelden.


De minister van Defensie,

De minister van Buitenlandse Zaken,






Meer informatie over de Vredeslijst maillijst